Een schilder in de loopgraven

Churchill met de Royal Scots Fusiliers bij Ploegsteert, 1916. Photo: Wikipedia

Het geboortejaar van Europa’s meest opmerkelijke en veelzijdige politicus Winston Spencer Churchill was ook het jaar van de eerste impressionistische expositie in Parijs. In 1874 likten Frankrijk en Parijs in het bijzonder nog hun wonden van de Commune opstand in Parijs en de nederlaag tegen de Duitse buur, die zich in 1871 in Versailles tot Duitse keizer liet kronen. Met de kroning in Versailles beoogden de Duitse overwinnaars ook de twist over het Franse of Duitse keizerschap van Karel de Grote (c. 742-814) in hun voordeel te beslissen. Karel was weliswaar in 768 in Noyon tot Franse koning gekroond, maar de keizerskroon viel hem in 800 in Rome te beurt toen hij Aken als residentiestad had gekozen. In de driedeling van het Carolingische Rijk in 843 bij het Verdrag van Verdun en het daaruit voortvloeiende Duitse keizerrijk (vanaf 962 met de kroning tot keizer van Otto II) en het Franse koninkrijk was, achteraf gezien, de kiem gelegd voor de twee wereldoorlogen die het leven van Churchill zouden diepgaand zouden beïnvloeden. Het Verdrag van Verdun zag behalve in een West-Frankisch rijk (het latere koninkrijk Frankrijk) en een Oost-Frankisch rijk (het latere Heilige Roomse Rijk van de Duitse Natie (de formele titel vanaf 1512) in een tussendeel, dat liep van de Lage Landen, Lotharingen, Elzas tot in Italië. Lotharingen en Elzas zouden tot 1945 omstreden gebieden blijven.
Vooralsnog zou Churchill echter door een ander keizerrijk in beslag worden genomen, het keizerrijk van Victoria, koningin van het Verenigd Koninkrijk, keizerin van India. Als officier diende hij bij de cavalerie in India, nam deel aan militaire acties in Soedan en Afghanistan en besloot de negentiende eeuw met het begin van een historisch en biografisch oeuvre waarvoor hij in 1953 de Nobelprijs voor literatuur zou ontvangen. Het fin de siècle in europa beleefde Churchill deels ver buiten Europa, waarbij hij ongebaande wegen niet schuwde. Zijn avonturen als journalist in de Boerenoorlog (1899-1902) of Spaans-Amerikaanse oorlog (1898) spreken vandaag nog tot de verbeelding. Als telg van een conservatieve politicus, zijn vader Randolph was een prominent lid van de conservatieve partij en enige tijd lid van de regering, had hij al vroeg zijn zinnen gezet op de politiek. In 1915 was hij als First Lord of the Admirality als eerst verantwoordelijke minister voor de mislukte invasie van de Dardanellen gedwongen af te treden. Hoewel dit niet het einde betekende van zijn ministerschap in oorlogstijd, in 1917 werd hij namelijk weer opgenomen in het oorlogskabinet, was 1915 wel het jaar van een nieuw begin als schilder. De grote tegenspeler van Churchill in de Tweede Wereldoorlog zou ook schilderen als passie hebben en er aanvankelijk, in zijn Weense jaren, zelfs zijn brood mee verdienen. Wat ze beiden ook gemeen hebben is hun frontervaring aan het westelijk front, waar Churchill in 1916 diende aan de Frans-Belgische grens. De schildercarrière van Churchill stond in 1915 echter pas in de kinderschoenen en tot aan zijn dood in 1965 zou hij een fervent amateur schilder zijn. Kenners en vooraanstaande schilders stelden hem zelfs een grote toekomst als schilder in het vooruitzicht indien hij zich daar geheel aan zou wijden.

Tot het grote geluk van Europa en de wereld heeft Churchill zelf anders beslist en zag hij het schilderen vooral als de meest geschikte manier om zijn sombere stemmingen, ‘Black Dog’ zoals hij deze noemde, door te komen. De schilderstijl van Churchill roept sterke associaties op met de schilderijen op de eerste impressionistische expositie in 1874. Een aantal schilders, die ontevreden was over het door de Franse overheid en de culturele elite in het bijzonder gevoerde kunstbeleid en toelatingen tot van overheidswege georganiseerde exposities, besloot het heft zelf in handen te nemen. Dit zou het begin zijn van een wereldwijde opmars, die aan het einde van de negentiende eeuw tot aan Amerika zou reiken en ook Churchill niet ongemoeid heeft gelaten. Wat in de schilderijen van Churchill ook naar voren komt is zijn gevoel voor menselijke maat, kleuren en sfeer. Met menselijk maat is niet de anatomie van de mens bedoeld, want dat was beslist niet zijn sterkste kant. Het gaat hierbij vooral om de details, de context en het gevoel dat een beeld bij hem opriep, deze weet hij treffend weer te geven. Hier komt ook de grootheid van de mens Churchill naar voren. Als staatsman, politicus en opperbevelhebber van de Engelse strijdkrachten moest hij dagelijks beslissen over leven en dood. Het redden van 1000 mensen door er 100 op te offeren was zijn plicht, zo meende hij zelf. Zelden had hij een slechte nachtrust, al was de slaaptijd laat in de nacht of vroeg in de morgen. Zelfs in de meest duistere dagen van 1940 sliep hij naar eigen zeggen goed, waarbij het dagelijkse middagdutje vaste routine was. Wat hem wel een slapeloze nacht bezorgde was de dood van een zakenman, die sprekend op hem leek en door de Duitse spionage voor Churchill werd aangezien. Churchill de schrijver en schilder treden minder op de voorgrond dan zijn politieke verdiensten en prestaties. Politiek was gelukkig zijn professionele keuze.